Kunstmatige intelligentie verkennen is een nieuw kerndoel in het Nederlands primair onderwijs, waarbij leerlingen bijvoorbeeld verantwoord moeten leren 'interacteren' met AI. Maar achter AI schuilt een gigantische industrie van big tech-bedrijven, winstmaximalisatie en data-extractie. Het uitnodigen van zulke systemen binnen het klaslokaal roept dan ook veel vraagtekens en kritiek op.
De centrale vraag is: moeten we AI überhaupt in de klas willen? Staat het de ontwikkeling van het kind bij, of werkt het deze juist tegen? En als we het inzetten, hoe doen we dat verantwoord?
We bespreken dit in het panel 'Children First, AI Second' met leraar en directeur van Stichting NIVOZ (Nederlands Instituut voor Onderwijs en Opvoedzaken), Jan Jaap Hubeek. Hij publiceerde onlangs het boek 'Mens blijven tussen de systemen: Een pleidooi voor menswaardig onderwijs in het AI-tijdperk' (te koop in de PublicSpaces boekenstand). Ook is hij host van de podcast 'AI: het pedagogisch appèl'.
Ook schuift Karmijn Steekelenburg aan, co-creatie manager bij NOLAI. NOLAI is verbonden aan de Radboud Universiteit en is het nationale onderwijslab voor educatieve AI in ons basis-, voortgezet en speciaal onderwijs. De focus ligt op de ontwikkeling van verantwoorde, educatieve AI.
Ten slotte zal cultuursocioloog en SETUP-onderzoeker Siri Beerends de maatschappelijke impact van AI in het onderwijs belichten. Eerder schreef zij kritisch hierover voor SETUP en de Volkskrant.